• Peter van Veen

De Merino's is nog niet uitgegroeid

VEENENDAAL Sinds de komst van Henne Oostermeijer is De Merino's als een komeet omhoog geschoten. De oefenmeester zorgde voor een hecht collectief en gooide daar zijn eigen sausje overheen. Inmiddels is het een voetbalmachine geworden, waar maar geen rem op lijkt te zitten. ,,Het is nu aan de club of zij de volgende stap willen zetten."

Jeroen van der Veer

 

Na een trainerscarrière die zich vooral afspeelde in de hoofdklasse, waren velen verbaasd dat Henne Oostermeijer een contract tekende bij De Merino's. Wat toentertijd niet iedereen wist, is dat er in de toenmalige tweedeklasser veel muziek zat. Inmiddels heeft Oostermeijer de ploeg naar de eerste klasse geloodst en dat is volgens de oefenmeester niet het eindstation. ,,Als wij deze groep behouden en daarbij vier gerichte versterkingen aantrekken, kunnen wij mee in de hoofdklasse."

Het is duidelijke taal van een trainer, die veel verder kijkt dan alleen het resultaat. Toen hij werd aangesteld, was De Merino's net gedegradeerd uit de eerste klasse. Een snelle promotie leek voor de hand liggend, maar gebeurde niet. ,,Natuurlijk waren we liever gelijk gepromoveerd, alleen hebben wij de tijd gebruikt om ervoor te zorgen dat wij nu deze stappen kunnen zetten."

Zo werd er een aanvallend systeem ingeslepen, waarbij balbezit centraal staat. Daarnaast lijkt de lange bal verboden en bij balverlies duikt de ploeg direct op de tegenstander. ,,Hier worden spelers niet betaald. Daarom moet je voldoening uit andere dingen halen. Voetballers zijn op deze sport gegaan omdat ze het leuk vinden om met de bal te spelen. Daarom moet je zorgen dat je die bezit en er iets goeds mee kan doen."

Inmiddels hebben ze een kampioenschap achter de rug en ook in de eerste klasse geeft De Merino's zijn visitekaartje af. Het staat in de top drie en de buitenwacht moet niet raar opkijken als het daar aan het eind van de competitie ook staat. ,,De ondergrens wordt steeds hoger. Dat wij dit niveau behalen, verrast mij niet. Wij kunnen zelfs nog veel beter."

Daarbij hoopt de trainer op medewerking van de vereniging, waarbij het hem vooral in de kleine dingen zit. ,,Betalen doen we niet. Daarom moet je gerichter scouten en aan de faciliteiten denken. Soms delen we het trainingsveld met vijftig man. Dat heeft zo zijn charmes, maar is niet ideaal."

De oefenmeester ademt voetbal en daarom is hij naast de trainings- en wedstrijddagen ook bezig met en voor zijn team. Zo kijkt hij nu al naar eventuele aanwinsten voor volgend seizoen, om in de breedte (nog) sterker te worden. ,,Hierdoor kan je gerichter trainen en gaat het niveau ook omhoog. Met drie á vier versterkingen, kunnen wij mee in de hoofdklasse. Dat weet ik zeker. Wij hebben een enkeling op ons lijstje staan en hopelijk zien zij ook muziek in onze plannen. Spelers kunnen ons bijvoorbeeld zien als springplank naar de hoofd- of topklasse. Als wij daar zelf al niet spelen", sluit Oostermeijer met een knipoog af.