• Archief BDUmedia

Tot drie jaar cel geëist tegen verdachten in zaak 'mobiel banditisme'

VEENENDAAL In één veeg gingen op een tafel opgevouwen kledingstukken in een geprepareerde tas. De hele dag shopten de verdachten in deze 'mobiel banditisme' zaak zonder te betalen. Om 09.00 uur gingen zij de eerste winkel binnen en om 18.00 uur waren ze weer thuis, dan zat de werkdag erop. In dit tijdsbestek verdwenen voor duizenden euro's spullen in de geprepareerde tassen die de verdachten bij zich hadden. Deze bende sloeg ook toe in Harderwijk.

De officier van justitie legde ter zitting maandag 29 februari uit dat de 11 Roemenen die zich voor de rechter moesten verantwoorden zich op een zeer georganiseerde wijze bezighielden met winkeldiefstallen door heel Nederland. Het gaat hier om mobiel banditisme: bendeleden verblijven enkele maanden in een land, slaan hun slag en reizen dan weer door naar het volgende land. Naar schatting kost dit de Nederlandse detailhandel €250 miljoen per jaar. Een reden om streng op te treden tegen deze bendes. De officier van justitie eiste tot drie jaar gevangenisstraf tegen de verdachten. Zij worden allemaal verdacht van deelname aan een criminele organisatie die als doel had om diefstal en heling te plegen. Ook luidt de verdenking witwassen.

De zaak kwam 23 april 2014 aan het rollen. De pandbrigade van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling van de gemeente Den Haag, die in actie komt wanneer er bijvoorbeeld signalen van illegale bewoning zijn, stapte die dag samen met de politie een woning aan de Delftselaan binnen. Verschillende getuigen hadden melding gedaan omdat zij zagen dat er meerdere keren op een dag

mensen het huis binnengingen met volle vuilniszakken. De vreemde figuren die de woning binnengingen zorgden bij de buurtbewoners voor een onveilig gevoel.

De officier van justitie noemde de woning ter zitting een roversnest. De aanwezige agenten vonden een plastic tasje met daarin alarmlabels en

prijskaartjes. De woning werd verder doorzocht en de politie trof onder andere in de kruipruimte een grote hoeveelheid merkkleding en parfums aan, in sommige gevallen nog voorzien van prijs- en alarmlabels. Op het dak van de schuur lag een rugtas met daarin meerdere geprepareerde tassen: die voorkomen dat alarmpoortjes afgaan. Ook vond de politie bestellijstjes en

een landkaart met aangestreepte locaties.

Een deel van de gestolen spullen die werden gevonden in de woning, kon de politie linken aan concrete diefstallen die gepleegd waren in Oss, Alkmaar,

Veenendaal, Hardewijk en Utrecht. Uit de aangiften van de winkeliers blijkt dat de goederen ergens tussen januari 2014 en april 2014 moeten zijn gestolen. De woning in Den Haag werd sinds begin januari gehuurd. Dat alles maakt dat de officier van justitie ervanuit gaat dat alle spullen in de genoemde periode zijn gestolen.

Een medewerker van een warenhuis waar spullen waren gestolen herkende meerdere verdachten die maandag voor de rechter moesten verschijnen als winkeldieven. Hij had hen langere tijd in de gaten gehouden en hierdoor ook hun werkwijze ontdekt, die ook op beeld werd vastgelegd. Ook uit beelden van andere winkels blijkt deze werkwijze. De verdachten komen in wisselende samenstellingen. De vrouwen gaan met handenvol kleding paskamers in en komen er daarna met lege handen of één hangertje weer uit. Ondertussen lopen hun 'collega's' met bolle tassen de winkel uit zonder iets betaald te hebben. Weer anderen houden de boel in de gaten en waarschuwen als ze ontdekt dreigen te worden. Ieder heeft dus zijn eigen rol om het gratis winkelen mogelijk te maken.

Uit het onderzoek is gebleken dat meerdere verdachte grote geldbedragen op hun rekening gestort kregen en voor duizenden euro's geld overmaakten naar bijvoorbeeld Roemenië. De verdachten kunnen niet verklaren hoe zij aan dat geld komen. Het staat vast dat ze geen legale inkomsten in Nederland hadden en dat maakt dat de officier van justitie concludeert dat het geld afkomstig is van misdrijven.

De officier van justitie benoemde ter zitting dat het hier niet zomaar gaat om een eenvoudige winkeldiefstal, maar om een georganiseerde bende die aan de lopende band op strooptocht ging. Winkelketens liepen hierdoor enorme schade op, waar uiteindelijk de consument ook de dupe van wordt omdat de gelede schade wordt doorberekend in de prijs van producten. Naar schatting roofde de groep per maand voor zo'n €25.000,- bij elkaar. Volgens de officier van justitie reisden de verdachten naar Nederland met het doel om winkeldiefstallen te plegen. Zij vindt hoge, onvoorwaardelijke celstraffen voor de verdachten passend. Zeven verdachten hoorden 3 jaar gevangenisstraf tegen zich eisen. De man die het 'roversnest' huurde en de verdachten dus faciliteerde in een verblijfplaats en opslagplaats voor gestolen spullen, hoorde 2 jaar gevangenisstraf tegen zich eisen. Wat betreft de officier gaan twee andere verdachten 100 dagen de cel in en één andere verdachte 56 dagen. Bij deze drie kon volgens de officier deelname aan een criminele organisatie niet worden bewezen.