• 'De taxi zou vaak te laat komen, waardoor mensen te laat op een afspraak komen'.

    Corepics/Fotolia

Onafhankelijke ondersteuner onbekend bij Wmo-gebruikers

VEENENDAAL Bij een aanvraag voor een Wmo-ondersteuning is 65 procent van de aanvragers niet gewezen op de mogelijkheden een OCO in te schakelen. OCO staat voor 'Onafhankelijke Cliënt Ondersteuner'. Dat blijkt uit het door ZorgfocuZ uitgevoerde cliëntervaringsonderzoek. Het recht op onafhankelijke cliëntondersteuning voor mensen met een beperking is vastgelegd in de Wmo en valt daarmee onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid. Maar de mensen blijken er dus voor een groot deel niet van te weten en er wordt hen kennelijk ook niet gewezen op de mogelijkheid.

Gerard van Wijk

Zoals gewoonlijk bij dit soort onderzoeken is de tevredenheid onder de cliënten overigens groot. Liefst 85 procent vindt de zorg die hij of zij ontvangt van goede kwaliteit en eenzelfde percentage vindt dat de ondersteuning past bij de hulpvraag. Er is, zoals trouwens bij alle tot nu toe uitgevoerde onderzoeken, altijd een groep mensen die kritiek heeft op het functioneren van de regiotaxi. De taxi zou vaak te laat komen, waardoor mensen te laat op een afspraak komen. Er zijn ook mensen die aangeven graag meer uren huishoudelijke hulp te willen, of meer hulp omdat hun zelfstandigheid afneemt.

HULPVRAAG Mensen die gebruik hebben gemaakt van een onafhankelijke cliëntondersteuner ,,geven hiervoor onder andere als reden dat zij onbekend zijn met de gang van zaken bij een hulpaanvraag en het niet alleen hadden gekund". Iemand zegt ook zonder cliëntondersteuner ,,niet serieus te worden genomen door de gemeente". Anderen vinden dat zij zelf de hulpvraag kunnen indienen of zijn door familie geholpen. Er zijn vele soorten van hulpvragen: rolstoel, vervoermiddel, woningaanpassing, collectief vervoer, vergoeding vervoerskosten, individuele ondersteuning, logeervoorziening, schoonmaakondersteuning en nog andere vormen.

JEUGDHULP Er is ook een cliëntervaringsonderzoek jeugd uitgevoerd, door i&o research. In Veenendaal ontvangen 1400 jongeren jeugdhulp. De hulp richt zich op groei- en opvoedproblemen of psychische problematiek. Driekwart van de ondervraagde ouders en jongeren heeft wel eens van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) gehoord. De meerderheid van de jongeren kwam via hun ouders bij het CJG terecht, via de huisarts kwam een derde van de jongeren bij het CJG terecht. ,,Opvallend is dat bijna vier op de tien ouders niet weten hoe hun zorg betaald wordt.“ Dat kan via Zorg in Natura, via een Persoonsgebonden Budget of via beiden worden geregeld.

SOCIALE MEDIA Een jongere van 14 jaar heeft nog een tip. ,,Als je hulp via de gemeente meer bekend wil maken onder jongeren dan moeten ze dit meer op sociale media doen. Bijvoorbeeld op Instagram een advertentie plaatsen met een plaatje of foto die aanspreekt.” Een algemene wens is dat de hulp ook na het 18e jaar doorgaat. ,,Tussen 18 en 21 jaar is er gewoon helemaal niks.”