'Massale start' wijkgerichte werken

VEENENDAAL Meer samenhang tussen gemeente en allerlei organisaties die betrokken zijn bij het wijkgericht werken. Samen de schouders eronder zogezegd. Gisteren was de eerste bijeenkomst waarvoor zo'n 250 uitnodigingen naar organisaties de deur van het gemeentehuis waren uitgegaan. Want een wijkgerichte aanpak moet het sleutelbegrip zijn van de participatiesamenleving.

Gerard van Wijk

,,Eén gezin, één plan en dat integraal op elkaar afstemmen en niet vanuit iedere organisatie apart. De vraag uit de wijk oppakken en dat naar gemeentelijk beleid brengen. Dat zal leiden tot efficiënter en effectiever werken", zegt wethouder Frits Beckerman. Hij acht het mogelijk dat met de nieuwe (preventieve) aanpak, met minder geld dan er tot nu toe vanuit de rijksoverheid beschikbaar werd gesteld, op den duur ,,toch geld kan worden bespaard."

Veenendaal is opgedeeld in een viertal wijken. Fred Bottenberg is één van de wijkregisseurs, hij heeft Noord/Centrum en Oost onder zijn vleugels. Het wijkgerichte werken is begonnen in de vorige raadsperiode, het ging erom de samenwerking in de wijk goed te organiseren. ,,Netwerken, partijen met elkaar laten kennismaken."

Schoon, heel en veilig in het fysieke domein, dat was het uitgangspunt. Het is zo langzamerhand een breed spectrum van bezigheden geworden: welzijn, Wmo, jeugd en participatie. Dat is op zich al een heel pakket en daar is sinds begin dit jaar de zorg nog bijgekomen. ,,Het is dus belangrijk de wijkgerichte aanpak te versterken", weet de wethouder. Hij merkt bij inwoners dat zij ,,steeds meer meedenken wat zij willen in hun woonomgeving." Het gaat erom in de wijken het gesprek aan te gaan, te weten wat er speelt en daar op in te spelen. ,,De ambitie is een leefbare en veilige omgeving te creëren, waarbij preventie belangrijk is. Vroegsignalering, hoe eerder we iets kunnen vastpakken hoe beter."

De gemeente gaat met betrokken partijen, en dat zijn er nogal wat, aan tafel om tot dat ene plan voor dat ene gezin te komen. De wijkindeling geldt voor alle organisaties. Dat moet ook om het geheel slagvaardig te kunnen laten zijn. Behalve een wijkwethouder, een wijkregisseur en een wijkteam (Veens, politie en Patrimonium) zijn er ook wijkmanagers. Volgens Bottenberg wordt de wijkmanager steeds beter gevonden door de bewoners. Het uitwisselen van signalen is van belang. Evenals de wethouder ziet Bottenberg dat bewoners met initiatieven komen. ,,De kracht van de bewoners laten gelden, daar wordt iedere betrokkene beter van."

De decentralisatie van taken vanuit de rijksoverheid naar de gemeente loopt parallel met minder budget en dat vraagt de nodige creativiteit om er voor te zorgen dat er ,,niemand tussen wal en schip terecht komt", zoals politici bij herhaling benadrukken. Het vraagt tevens een andere manier van denken en doen van zowel de gemeente als betrokken organisaties. ,,Tot nu toe is veel over geld gesproken, er is nogal wat doemdenken, maar decentralisatie geeft ook een kans", vindt Beckerman. ,,We krijgen nu de kans om het beter te gaan organiseren. Per wijk wordt een plan opgezet, de prioriteiten kunnen van wijk tot wijk verschillen. Op dat plan gaan we acties inzetten. Die moeten we niet op het gemeentehuis bedenken, maar we moeten het vragen aan de organisaties en de inwoners zelf."

2015 is een opbouwjaar, de afspraken met de partners moeten worden gemaakt. Volgend jaar moet er een wijkagenda zijn, welke ambities zijn er per wijk. Aan de wijkagenda wordt nu gewerkt.