Welkomstdrankje

Vorige week zat ik met familie op het terras van een hotel ergens in Nederland. De eigenaar van het hotel bood ons een welkomstdrankje aan. We zitten er nog maar net of een auto met een Duits kenteken, waarvan de banden zo stinken dat een schroeilucht over het terras waait, komt aanrijden. Een jongeman parkeert zijn snelle wagen vlak bij de ingang en loopt richting ons hotel. Op dat moment belanden wij, al genietend van ons welkomstdrankje, in een film.

Een politieauto met zwaailichten scheurt met hoge snelheid op de man af. Nog sneller dan ik het kan vertellen is de man gearresteerd. Hij wordt onder toeziend oog van ons, en nog enkele tientallen bezoekers, geboeid en gefouilleerd. Als journalist kun je op zo'n moment niet op je stoel blijven zitten. Dan schiet je er gewoon vanzelf af.

De agenten vinden al snel iets verdachts in een van zijn broekzakken. Ze mompelen iets over de Opiumwet. Inmiddels ziet het geel en zwart van de agenten voor ons terras. De man wordt afgevoerd. Er wordt gebeld, gegevens worden uitgewisseld. De auto, die een slordige 70.000 euro kost, was door hem in de haast vergeten op slot te zetten. De auto wordt grondig bekeken. De banden stinken nog steeds en zijn roodgloeiend. Ook in de auto wordt een wit goedje gevonden dat niet naar waspoeder ruikt. Ook ligt er iets van het hotel in de auto. Blijkt dat de arrestant daar een kamer heeft. Ook die wordt aan een inspectie onderworpen.

Ondertussen hoor ik de agenten contact hebben met collega's. Een tweede auto blijkt te zijn opgepakt. Tijdens de vlucht zouden, in het dorp nabij het hotel, snelheden zijn gemeten van 160 kilometer per uur. Een agent vertelt me dat hotels in combinatie met een snelweg vlakbij een op- en afrit in Nederland steeds vaker drugsproblemen geeft.

Het was een spannend welkom terwijl we voor ontspanning waren gekomen.

Aart Aalbers